Verzuchting van een oud kolver. 1905
Verzuchting van een oud kolver.
Wijze: Henri's Drinklied
Toen ik jong was, vond ik kolven
Toch zoo'n drisch en heerlijk spel,
Maar, - bij vrouwlief, bij mijn Grietje
Was het niet zoo zeer in tel; -
'Iedre keer
Moet je wee
Naar die kolfbaan' zei ze vaak dan:
'Is dat nu je liefste taak man?
'k Weet wel wat ik liever wou:
's Avonds thuis zijn bij mijn vrouw!'
Ja, zei ik dan: 'beste Grietje
'k Ben zoo drommels graag bij jou!
Maar, - het kolven is zoo heerlijk
Dat je 't niet gelooven zou:
Twaalf, hoezee!
'k Juich dan meê
Poedel sla ik nooit mijn leven
En een slechte slag is zeven;
Vrouw! ik zal nog even gaan
En een mooie serie slaan!'
'k Ben nu oud, - stram zijn mijn leden
't Kolven is nog wel in tel,
Maar mijn vrouw vindt dat ik weinig
Spreek van 't eedle mannenspel;
'Zeg eens Piet:
Moet je niet
Weer eens twaalven slaan en elven! -
Als ik U was, 't spreekt van zelve
Dat ik niet versuffen wou
Iedren avond bij mijn vrouw!'
Ja, zoo spreekt mijn beste Grietje
Maar ik zeg dan: ''t zal niet gaan
Want het is niet meer zoo prettig
Als ik meedoe in de baan:
Ongeluk
Kolf aan 't stuk
Poedel, één, twee, hoogstens zeven
Twaalf of elf nooit van mijn leven,
Iedren keer een nieuw abuis -
Vrouw! .... 'k blijf liever bij je thuis.'
Overgenomen van een' onbekenden dichter.